» Hoe hou je van iemand?

Dertien jaar geleden kwam mijn prachtige stiefzoon in mijn leven en ik besloot onmiddellijk om heel veel van hem te gaan houden. Hij was toen een jaar oud. Op zijn tweede, in de peuterpubertijd, vond ik dat soms lastig. Ik kan me een kampeervakantie herinneren, waarbij hij op de momenten dat mijn man naar het toilettengebouw ging, onbedaarlijk huilde. Hij wilde niet bij mij zijn, maar bij zijn papa. Andere campinggasten keken mij met een mengeling van nieuwsgierigheid, verbazing en medelijden aan. “Dat kind wil niet bij zijn moeder zijn” leken ze te denken. Zo zag ik dat. En ik vond dat moeilijk. En ging dus mijn best doen. Overcompenseren. Ik wilde zo graag al mijn liefde aan mijn pluskind geven, dat ik er moeite in ging stoppen.

“Van wie hou je meer?”

Later, toen hij een zusje had gekregen, vroeg hij mij “van wie hou je meer?”. Ik legde hem uit dat ik van hen beide evenveel hield. Dat ik bij allebei liefde voel en dat het toch ook anders voelt, omdat ze allebei zo anders zijn. Dat vond hij lastig, hij wilde dat ik een keuze maakte en dat wilde ik niet. Ik ging nog meer mijn best doen. Nog wat later vond hij dat zijn zusje werd voorgetrokken. Ik probeerde zo neutraal mogelijk te kijken naar hoe mijn lief en ik ons naar hen beiden gedroegen en kon het voortrekken
niet ontdekken. Misschien wel andersom. Door het overcompenseren. Hij kreeg duurdere cadeaus, bijvoorbeeld. Meer aandacht. Alles om maar te voorkomen dat hij zich benadeeld zou voelen. En toch gebeurde misschien wel precies dat. En ondertussen communiceerde ik impliciet aan hem “zie eens wat ik allemaal voor je doe”. Hij zag het niet. Logisch. Het is helemaal niet fijn als iemand zo haar best voor je doet.

Moeite

Inmiddels weet ik dat het niet werkt. Moeite stoppen in iets. In een relatie. Dat moeite-energie er voor zorgt dat iets moeizaam wordt, zwaar, niet vanzelf. Aandacht besteden aan iemand: ja! Moeite stoppen in iemand: nee. Mijn initiële enthousiasme om zo veel mogelijk van hem te houden veranderde in moeite. Ik heb daar heel veel van geleerd. En leer nog steeds heel veel. Dat liefde soms minder een werkwoord mag zijn. Dat het een ‘one way street’ mag zijn. Ik hoef niet evenveel terug te krijgen. Ik leer ook over mijn eigen behoeftes voorop stellen. Dat ik niet voortdurend hoef uit te gaan van andermans behoeftes. Dat dàt niet de manier is om liefde te krijgen of liefde te geven. Dat ik achterover mag leunen en alleen maar met waardering naar hem hoef te kijken. Dat ik alleen maar liefde hoef te voelen. Niet geven, niet werken, maar voelen en zijn.

» Zo maar liefde

In essentie zijn er volgens mij maar twee emoties, angst en liefde. Soms lijkt het makkelijker om angst te voelen dan liefde. En dan hebben we vaak ook nog allemaal plaatjes geplakt op hoe liefde moet zijn. Hoe je je hoort te voelen. Hoe liefde hoort te zijn. Dat het groots moet zijn. Dat het er altijd moet zijn. Dat soort dingen. Al die verwachtingen van anderen en van jezelf.

Ik leerde in de post-graduateopleiding van het CLI een mooi begrip: zo maar liefde. Ga eens rustig zitten en proef het op je tong, proef het van binnen: zo maar liefde. Als ik het zelf doe dan voelt het alsof ik meer in het nu beland. Heerlijk om bij dat gevoel te komen en even diep te zuchten. Oja, zo kan het ook. Zo maar liefde.

Ik had zo’n week waarin mijn vermogen om de dingen met zorg te doen me in de steek liet. Ik vergat van alles, stapelde domme actie op domme actie en…was niet blij met mezelf. Kon er om lachen als een boer met kiespijn. In de basis liet ik me leiden door angst. Tijd om op zoek te gaan naar zo maar liefde. En als je eenmaal met dat begrip bezig gaat dan zie je het op allerlei plekken. Een boterbloem bijvoorbeeld, of elke willekeurige bloem. Zo maar liefde. En zo word ik in 2013 nog een flowerchild; power to the flower.

» Ik word steeds dommer

In het verleden was ik behoorlijk gehecht aan mijn rationele kant. Ik las veel, en vooral boeken met een hoog abstractieniveau. Wittgenstein, Chomsky, Foucault. Alles om de geest te scherpen.

Ik moet er niet meer aan denken. Sinds mijn intuïtie de boventoon voert is de behoefte verdwenen om het mijzelf op het intellectuele vlak moeilijk te maken. En ach, wat kan het toch heerlijk zijn om géén mening te hebben. Kan ik iedereen aanraden om een dag te proberen.

Natuurlijk is het soms nodig om mijn ratio in te schakelen. Ik probeer het dan heel bewust te doen. Ik stel me voor dat er in mijn hoofd een knop zit die mijn denkvermogen vertegenwoordigd. In noodzakelijke gevallen zet ik die op een hoge stand. En regelmatig zet ik de knop omlaag. Want met intuïtie kom ik vaak verder dan met de pure denkkracht.

» Meedeinen op de stroom

Je partner komt thuis. Chagrijnig. Jij was nog blij, tot hij (of zij) thuis komt. Tja, zie dan maar eens blij te blijven. Energie vermengt zich vrij gemakkelijk. Hopla. Jij ook humeurig.

Nog zo een. Het team waarin je werkt, is bezig met een grote klus. Deadline in zicht. De stress loopt op.  Lukt het jou om niét mee te deinen op de stroom? Best lastig.

Ik vind het fascinerend dat de energie van een groep of een persoon zo veel effect op je kan hebben. Die vermenging van energie gaat zo subtiel dat het moeilijk is om er verschoond van te blijven. Ik kijk zelf regelmatig wie er nog in mijn energie ‘hangt’ en waar mijn energie hangt. De uitkomsten zijn soms verrassend. Ben ik zelf al lang thuis, maar is een deel van mijn energie nog op mijn werk (en die energie kun je terughalen, echt waar!). Of er is bijvoorbeeld toch nog een energielijntje met een oude ex.  Na zo’n opschoonactie voel ik me meestal veel energieker. Fijn, dat dat kan!

» Energieplekken in Nederland?

Ik heb al eerder geschreven over een paar geweldige energieplekken, in Frankrijk, Engeland en Italië. Dichter bij huis zijn er natuurlijk ook allerlei bijzondere-energieplekken. De Mariakapel in Den Bosch bijvoorbeeld. Heerlijk om daar een tijdje te zitten.

Ook de Lebuïnuskerk in Deventer is gebouwd op een energieplek. De kerkheren van lang geleden hebben -heel slim- een plek gekozen voor hun bouwwerk die al veel langer werd gezien als heilig. In de Lebuïnuskerk gaat het om een bron. Als je afdaalt in de -hoe heet dat ook al weer, sacristie?- dan is de oude bron nog zichtbaar. Daar is de energie ook het best voelbaar.

In Elst (bij Arnhem, voor mij dus dichter bij huis) is er een kerk gebouwd op een oude Romeinse tempel. Zou me niets verbazen als dat ook een energieplek is. Wordt tijd dat ik daar eens heen ga!

» Energieplekken

Energie zit in alles wat leeft. Ook in de aarde. Sommige plekken op aarde hebben een bijzondere energie. Al duizenden jaren geleden hadden mensen de behoefte om die plekken te markeren.

Denk maar aan Stonehenge. De stenen -en het feit dat ze daar zo zijn geplaatst- zijn bijzonder, maar de plek zelf heeft ook bijzondere kwaliteiten. Ik zie de stenen vooral als een markering van deze bijzondere plek.

Veel van die energieplekken liggen op kruispunten van zogenaamde leylijnen in de aarde.

In het verleden waren het priesters, druïden of medicijnmannen, die deze plekken wisten op te sporen. De locatie werd gemarkeerd met stenen of een tempel, maar het kon/kan ook een bron zijn of een bijzondere plek in een bos. In de vroege middeleeuwen zijn veel van deze energieplekken ‘geconfiskeerd’ door de katholieke kerk. Op de plek die in het oude geloof als heilig werd beschouwd werd vaak een kerk gezet. Het schijnt zo te zijn dat mensen tot de 13e eeuw in staat waren om de bijzondere kwaliteiten van zo’n plek te voelen. Na die tijd is dat vermogen verdwenen. Althans, voor veel mensen. Voorbeelden van energieplekken zijn:

Mont Saint Michel

Sacra di San Michele in Avigliana

Chiesa di San Pietro in Portovenere

Chiesa di San Giusto in Portofino

Glastonbury

Er zijn er natuurlijk veel meer, ik noem een aantal van de plekken die ik ken. Allemaal aanraders met bijzondere energie, om oude energie los te laten en je op te laden.